Wat is een laagmasker?
Een laagmasker is iets wat je toevoegt aan een laag om die laag op bepaalde plaatsen volledig of gedeeltelijk transparant te maken.
Is een deel transparant? Dan zie je de laag eronder.
Je kan het vergelijken met een glazen plaat waar je delen op afplakt. Waar je het masker zwart maakt, plak je alles dicht en zie je de laag erboven niet. Waar je het wit laat, kijk je er dwars doorheen.
Waarom gebruik je een laagmasker?
Je vraagt je misschien af: Waarom zou ik een masker gebruiken als ik ook gewoon met de gum kan werken?
Het antwoord is simpel: laagmaskers zijn flexibel.
Met een gum verwijder je pixels voorgoed. Je kan niet zomaar iets terughalen als je je bedenkt.
Een masker daarentegen kan je altijd aanpassen. Je kan later terug ondoorzichtig maken wat je eerder transparant had gemaakt (en omgekeerd).
Een laagmasker is dus eigenlijk een slimme manier om selecties te maken en te beheren.
Een laagmasker toevoegen
Probeer het stap voor stap:
- Open een afbeelding en dupliceer de laag (rechtsklik > Laag dupliceren).
- Selecteer de onderste laag en maak die zwart-wit: Kleuren > Grijswaarden.
- Selecteer nu de bovenste laag.
- Rechtsklik op de laag en kies Laagmasker toevoegen.
- Laat de standaardoptie Zwart (volledig transparant) geselecteerd en klik OK.
In je lagenpaneel zie je nu naast de bovenste laag een zwart vierkantje: dat is je masker.
Het masker bewerken met wit en zwart
Belangrijk: selecteer altijd het masker zelf (het zwarte vierkantje) voordat je eraan werkt. Dat vergeet je snel.
Wat betekent zwart? De laag is op dat punt volledig transparant.
Wat betekent wit? De laag is op dat punt volledig zichtbaar.
- Selecteer een penseel met 100% dekking.
- Kies als voorgrondkleur wit.
- Teken op de afbeelding.
➔ Je ziet dat de gekleurde bovenste laag verschijnt waar je tekent. - Kies nu zwart als kleur en teken over hetzelfde gebied.
➔ De bovenste laag verdwijnt weer.
Zo kan je altijd corrigeren zonder definitief pixels weg te gummen.
Snel selecteren met een masker
Je kan ook een selectie maken terwijl je het masker actief hebt:
- Selecteer het rechthoekige selectiegereedschap.
- Teken een rechthoek op je afbeelding.
- Vul de selectie met wit.
- In dat gebied verschijnt de bovenste laag weer.
Zo bouw je selecties op een eenvoudige manier op.
Semi-transparantie met grijswaarden
Wat gebeurt er als je grijs gebruikt? Dan krijg je halftransparantie.
Een handige test:
- Selecteer het verloopgereedschap.
- Trek een verloop van zwart naar wit over het masker.
- Druk op Enter.
Je ziet dat de transparantie geleidelijk verandert: zwart = volledig transparant, wit = volledig zichtbaar, grijs = halftransparant.
Praktisch voorbeeld: achtergrond vervagen
Stel dat je de achtergrond wazig wil maken, maar je onderwerp scherp wil houden:
- Dupliceer de laag.
- Maak het oogicoontje van de bovenste laag tijdelijk onzichtbaar.
- Selecteer de onderste laag en ga naar Filters > Vervagen > Gaussiaanse vervaging.
- Kies een vervagingssterkte (bijvoorbeeld 35) en klik OK.
- Maak de bovenste laag opnieuw zichtbaar en selecteer die laag.
- Voeg een wit laagmasker toe.
- Selecteer zwart als kleur en een penseel.
- Schilder met zwart op het masker over de gebieden die je wazig wil tonen.
Een handige tip: gebruik het schaargereedschap om sneller een gebied te selecteren. Vergeet niet op Enter te drukken om de selectie actief te maken.
Wil je je selectie verfijnen? Schakel het snelmasker in. Zo kan je precies aanpassen waar je selectie loopt.
Zodra je tevreden bent, vul je de selectie met zwart.
Je ziet nu op die plekken de wazige laag eronder.
En als je later van gedachten verandert? Geen probleem. Selecteer het masker en schilder opnieuw met wit of zwart om het aan te passen.
Waarom laagmaskers zo krachtig zijn
Laagmaskers maken je workflow veel flexibeler:
- Je kan op elk moment corrigeren.
- Je kan combinaties maken van volledig en halftransparante gebieden.
- Je behoudt altijd je originele pixels.
Daarom zijn laagmaskers een van de belangrijkste technieken in GIMP.
Klik hieronder om verder te gaan naar de volgende les.
