Inhoudsopgave
In deze les maak je kennis met Microsoft PowerPoint. Je leert hoe je het programma opstart en hoe het scherm is opgebouwd. We spreken ook een aantal benamingen af, zodat je de rest van de cursus goed kan volgen.
Wat is Microsoft PowerPoint?
Microsoft PowerPoint is een programma om presentaties te maken. Je kan dia’s (slides) maken met tekst, afbeeldingen, tabellen, grafieken en nog veel meer.
PowerPoint wordt vaak gebruikt om ideeën visueel te ondersteunen tijdens een uitleg of vergadering.
Wist je dat PowerPoint al bestaat sinds eind de jaren tachtig? Als je het boeiend vindt om de geschiedenis te leren kennen, kan je dit Engelstalige artikel lezen:
https://computerhistory.org/blog/slide-logic-the-emergence-of-presentation-software-and-the-prehistory-of-powerpoint/
PowerPoint opstarten
Start PowerPoint zoals je elk ander programma opent:
- Windows: klik op de Start-knop en kies PowerPoint.
- Mac: open Launchpad of je programma’s-map.
Je ziet eerst het startscherm.
Het startscherm
Dit is wat je in het startscherm ziet:
- Recente bestanden: de presentaties die je het laatst bewerkte.
- Vastgemaakte bestanden: bestanden die je veel gebruikt. Vastpinnen doe je door op de punaise naast de naam te klikken.
- Nieuw: maak een nieuwe presentatie, bijvoorbeeld een lege.
- Sjablonen: kant-en-klare ontwerpen die je als basis kan gebruiken.
- Openen: een bestaand bestand openen.
- Accountinformatie: je Office-account beheren en thema’s kiezen.
- Opties: instellingen van PowerPoint aanpassen.
💡 Tip: Druk Escape als je meteen een lege presentatie wil starten.
De Backstage-weergave
Als je een bestand geopend hebt en je klikt op Bestand, kom je in de Backstage-weergave.
Hier kan je o.a.:
- Info bekijken: eigenschappen van je bestand, beveiligingsopties.
- Opslaan of Opslaan als: je bestand bewaren.
- Standaardformaat: .pptx
- Voorstelling (speelt automatisch af): .ppsx
- Afdrukken: je dia’s op papier zetten.
- Delen: bestand versturen of koppelen via OneDrive.
- Exporteren: opslaan als PDF of video.
Schermonderdelen
Het PowerPoint-scherm heeft vaste onderdelen. Hier spreken we benamingen af:
1. Werkbalk snelle toegang
Bovenaan links, met knoppen voor opslaan, ongedaan maken, opnieuw uitvoeren.
Je kan hier zelf knoppen toevoegen.
2. Het lint
De brede balk bovenaan met tabbladen zoals Start, Invoegen, Ontwerpen.
Ieder tabblad bevat groepen knoppen.
3. Titelbalk
Helemaal bovenaan, toont de bestandsnaam.
4. Liniaal
Handig om objecten juist te plaatsen. Niet zichtbaar? Ga naar Beeld > Liniaal.
9. Statusbalk
Onderaan: info zoals dia-nummer en taal. Klik met rechts om te kiezen wat je hier ziet.
10. Weergaveopties en zoombalk
Onderaan rechts, om:
- Het zoomniveau aan te passen.
- Wisselen tussen weergaven (bijv. Diavoorstelling).
Soms verschijnt rechts een extra venster: het taakvenster. Bijvoorbeeld als je een afbeelding opmaakt. Hier pas je eigenschappen aan.
Alles duidelijk? Dan ben je klaar voor de volgende stap: een nieuwe presentatie maken.
